Diabetes (suikerziekte)

Diabetes ofwel suikerziekte, is een chronische stofwisselingsziekte die gepaard gaat met een te hoog glucosegehalte in het bloed. Bij diabetes is het lichaam niet meer in staat om glucose (“suiker”) goed te verwerken. Dat komt omdat er te weinig of geen insuline wordt aangemaakt of omdat het lichaam ongevoelig is geworden voor het insuline. Insuline is nodig voor het transport van glucose uit het bloed naar de lichaamsweefsels. Bij geen of onvoldoende insuline heeft het lichaam moeite om de glucose uit het bloed te krijgen en stijgen de bloedglucosewaarden. Hierdoor ontstaan allerlei klachten en complicaties.
Er zijn twee verschillende soorten diabetes, namelijk diabetes type 1 en diabetes type 2. Diabetes type 2 komt het meest voor.
 
Type 2 diabetes ontstaat als gevolg van stoornissen in de uitscheiding van insuline en/of het niet optimaal benutten van de aanwezige insuline door weefsels (insulineresistentie). Hierdoor ontstaat op den duur een te hoog glucosegehalte in het bloed. De eerste klachten zijn vaak vaag, waardoor de diabetes vaak pas na jaren herkent en gediagnosticeerd wordt. Aanwijzingen kunnen zijn veel dorst en vaak moeten plassen, regelmatig moe zijn, last hebben van slecht zien, slecht genezende wondjes, kortademig zijn of pijn in de benen bij het lopen en infecties die vaak terugkomen. 
 
Type 1 diabetes ontstaat als gevolg van de afbraak van insulineproducerende cellen van de alvleesklier (pancreas), waardoor een absoluut tekort van het hormoon insuline ontstaat. Type 1 diabetes kan optreden als gevolg van interacties tussen genetische factoren en omgevingsfactoren als voeding en virussen. Mensen met type 1 diabetes moeten dagelijks insuline spuiten om de bloedglucose op peil te houden. Zonder toediening van insuline treedt een levensbedreigende situatie op. Bij diabetes type 1 zijn mogelijke klachten veel dorst en veel plassen, afvallen zonder dat daar een reden voor is, ziek en beroerd voelen, veel honger hebben of juist helemaal niet, wazig zien en misselijk zijn of overgeven. 
 
Om complicaties van diabetes (type 2) te voorkomen, helpt een stabiele bloedsuikerspiegel, al heb je dat niet helemaal zelf in de hand. Om de kans op problemen te verkleinen moet u:

• gezond eten
• alcoholgebruik beperken
• stoppen met roken
• uw gewicht onder controle houden
• regelmatig bewegen
• op tijd en regelmatig bepaalde controles doen bij uw arts